Werkinstructie verkeersregelaars
In deze instructie vind je belangrijke informatie voor het regelen van het verkeer bij de Avondvierdaagse Oog in Al.
Download werkinstructie als PDF ↓
Instructieavond
Op donderdagavond 18 juni voorafgaand aan de Avond4daagse-week, wordt van 20:15 tot 22:00 uur op de 2e Marnixschool een instructieavond georganiseerd voor de verkeersregelaars. We nemen de instructies door en bespreken alle routes en eventuele bijzonderheden.
- Neem je mobiele telefoon mee.
- Neem je fiets mee.
Zorg dat je 30 minuten vóór de start aanwezig bent voor de briefing. Voor de 10 km is dat om 17:30 uur, voor de 5 km om 18:00 uur.
Tijdens de briefing op de avond zelf krijg je:
- een hesje voor de herkenbaarheid;
- een print van de route;
- eventueel een fluitje;
- het laatste nieuws van de organisatie;
- herhaling van de stoptekens die je onderweg kunt geven;
- instructies bij bijzondere kruispunten;
- maar vooral: gelegenheid om kennis en afspraken te maken met je mede-verkeersregelaars (inclusief de coördinator van de dag/afstand). Deze afspraken gaan vooral over wie waar gaat staan tijdens de tocht.
Communicatie, sfeer en samenwerking
De belangrijkste aspecten bij het regelen van het verkeer rondom een evenement als de Avond4daagse zijn communicatie, sfeer en samenwerking. Wees duidelijk in je communicatie naar de overige verkeersdeelnemers, zoek zo mogelijk contact en leg uit wat er aan de hand is. Hiermee ontstaat doorgaans een goede sfeer en begrip voor het oponthoud. Samenwerking met de andere verkeersregelaars is cruciaal voor ieders veiligheid. Overleg vooraf met elkaar (tijdens de briefing) hoe een kruising veilig kan worden overgestoken en wie welke taak op zich neemt.
Grote groep, grote kruisingen
De stoet wandelende kinderen kan makkelijk drie- tot vierhonderd meter lang worden. Daarom moet regelmatig aan de voorste lopers worden gevraagd het tempo te verlagen of zelfs te wachten. Ook de achterste lopers vraag je het tempo erin te houden. Dat doe je samen met de twee ouders die voorop en achterop lopen (herkenbaar aan een hesje). Het is fijn om daarmee aan het begin even contact te leggen.
Bij grotere kruisingen moet worden gewacht tot er voldoende verkeersregelaars aanwezig zijn om de kruising veilig te passeren. Als er ‘gaten vallen’, zijn andere weggebruikers minder snel genegen om te blijven wachten. Ook de vervolgroute moet door verkeersregelaars beveiligd kunnen worden.
In één keer de kruising over
Bij moeilijke kruisingen is het streven de groep te verzamelen in de nabijheid van de kruising (wachten) zodat de kruising in één keer overgestoken kan worden. Lukt dat niet, dan is het van belang om het ‘gat’ in de groep te dichten door de tempo’s vooraan en achteraan aan te passen. Betrek de meelopende ouders hierbij.
Wachten op de verkeersregelaar
Bij elke kruising moet de groep wachten totdat een verkeersregelaar aanwezig is om te ‘blocken’. In woonwijken als Oog in Al kan bij kleine, overzichtelijke en rustige kruisingen soms hiervan worden afgeweken.
De eerste auto
Als de eerste auto is gestopt, zijn de auto’s erachter doorgaans geen probleem.
Fietsers, bromfietsen en fatbikes
Deze zijn doorgaans lastiger te ‘regelen’. Zoek ook hier contact en vraag te wachten.
Op plekken waar er gaten in de lopersgroep zitten, kan onduidelijkheid ontstaan. Mogelijkheden:
- Blijven tegenhouden, wat kan leiden tot irritatie. Toon begrip.
- Gedoseerd doorlaten. Overleg dit altijd met de andere aanwezige verkeersregelaars. Soms kunnen fietsers met de fiets in de hand veilig de groep kruisen.
- Lopersgroep onderbreken, vooral wanneer er al gaten zijn ontstaan in de lopersgroep of wanneer de verkeerssituatie onveilig wordt ingeschat. In dit geval kan het andere verkeer tijdelijk worden doorgelaten.
Verkeer regelen in de praktijk
Geef met duidelijke gebaren aan wat je van de verkeersdeelnemers verwacht:
- Arm omhoog richting de verkeersdeelnemer betekent stoppen.
- Arm zwaaiend in de rijrichting (gebaar om hier te komen) betekent rijden.
Verkeer regelen betekent ingrijpen in de ‘natuurlijke’ afwikkeling van het verkeer. Je neemt daarmee een deel van de verantwoordelijkheid van de overige weggebruikers over. Communiceer daarom mondeling of met gebaren met hen en zorg ervoor dat de ander je begrijpt en juist reageert:
- Bekijk de wegsituatie vooraf op veiligheid, overzichtelijkheid en bijzondere verkeerssituaties zoals fietspaden en verkeerslichten.
- Draag het voorgeschreven hesje gesloten zodat dit duidelijk zichtbaar is.
- Wees zichtbaar vanuit alle richtingen, kies de juiste positie en zorg voor een vluchtweg. Kijk de weggebruikers aan en controleer of ze je begrijpen.
- Hulpdiensten met optische en geluidssignalen (voorrangsvoertuigen) mogen de aanwijzingen van de verkeersregelaar negeren. Regel dat de hulpdiensten veilig door kunnen rijden.
- Geef tijdig rustige maar duidelijke aanwijzingen met gestrekte armen.
- Bij een stopteken kijk je naar de bestuurder en geef je het stopteken met recht omhoog gestrekte rechterarm. Met je linkerhand geef je aan waar de bestuurder moet stoppen. Bij een stopstreep doe je dit idealiter vóór de streep.
- Houd rekening met weersomstandigheden zoals een laagstaande zon, mist of regen. De bestuurder kan je dan moeilijker zien en heeft een langere remweg nodig.
- Geef voetgangers en fietsers ook een duidelijk stopteken. Geef hen, indien het veilig is, de mogelijkheid om over te steken.
- Geef iemand die de weg vraagt of vraagt hoe lang het oponthoud nog duurt, vriendelijk maar kort en bondig antwoord, ook als je het niet precies weet. Ga door met het regelen van het verkeer.
Stopteken
Voordat je een aanwijzing geeft, moet je er zeker van zijn dat de bestuurder van een voertuig die aanwijzing kan opvolgen. Let daarom op het soort voertuig, schat de snelheid in en heb oogcontact met de bestuurder voordat je een stopteken geeft.
- Een vrachtauto of autobus heeft een langere remweg nodig dan een personenauto.
- Slecht weer en een nat, glad wegdek maken de remweg ook langer.
- Voordat een bestuurder gaat remmen of een andere handeling pleegt op jouw aanwijzing, heeft deze tijd nodig om te reageren. Iemand die erg goed oplet heeft een reactietijd van ongeveer 1 seconde, maar reken op 3 seconden, omdat bestuurders je niet verwachten op de kruising. Ze kunnen ook nog met andere dingen bezig zijn in de auto, zoals praten en het bedienen van apparatuur.
- Als een bestuurder 50 km/u rijdt, dan legt deze elke seconde 14 meter af. Bij een reactietijd van 3 seconden heeft die bestuurder al 42 meter afgelegd voordat deze reageert en gaat remmen. Normaal remmen kost daarnaast nog eens 40 meter. De bestuurder heeft dus 80 meter afgelegd voordat deze voor jou tot stilstand komt na je gegeven stopteken.
- Geef geen stopteken aan bestuurders die je te dicht zijn genaderd of die met te hoge snelheid naderen.
Verkeerslichten
- Stap bij via de veiligste weg en met groen licht de kruising op.
- Houd het verkeer al tegen terwijl het verkeerslicht in hun richting nog rood uitstraalt, als je het verkeer moet ophouden.
- Loop nooit zomaar van een kruising met verkeerslichten af als het verkeersregelen wordt beëindigd (bijvoorbeeld wanneer de stoet voorbij is). Verlaat de kruising pas als je het verkeer voor rood licht hebt stilgezet.
- Wijs het verkeerslicht aan dat voor de betreffende weggebruikers geldt voordat je de kruising verlaat.
- Verlaat de kruising via de veiligste weg met groen licht in jouw looprichting.
Bekeuring
Als een weggebruiker jouw aanwijzing niet opvolgt, is deze strafbaar. Om een procesverbaal te maken heeft de politie nodig:
- jouw verklaring en tenminste één getuigenverklaring;
- kenteken, merk, type en kleur van het voertuig;
- signalement van de bestuurder;
- dag, datum en tijdstip van het gedrag;
- nadere beschrijving van de gebeurtenis;
- rijrichting van de bestuurder.
Wettelijke bepalingen en voorschriften
De bevoegdheid om als verkeersregelaar verkeer te mogen regelen, is vastgelegd in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990), het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) en de Regeling verkeersregelaars 2009:
- Artikel 82 RVV 1990, lid 1: weggebruikers zijn verplicht de aanwijzingen op te volgen die mondeling of door middel van gebaren worden gegeven door de daartoe bevoegde en als zodanig herkenbare verkeersregelaars.
- Artikel 84 RVV 1990: aanwijzingen gaan boven verkeerstekens en verkeersregels.
- Je mag je niet zodanig gedragen dat gevaar of hinder (kan) ontstaan voor het verkeer op de weg. Gedurende de tijd dat je het verkeer regelt, ben je verantwoordelijk voor de verkeersveiligheid en beperk je de door de Avond4daagse veroorzaakte hinder.
- De minimumleeftijd is 16 jaar. Ben je jonger dan 18 jaar, dan mag je alleen op goed verlichte wegen waarop niet sneller wordt gereden dan 50 km/u het verkeer regelen.
- De regelaars volgen altijd direct voor aanvang van een evenement een op het evenement gerichte instructie. Die bestaat voornamelijk uit het aanwijzen van de plaats waar de regelaar moet gaan staan en de tekens die hij moet geven.
- Verkeersregelaars oefenen hun taak uit onder direct toezicht van de politie.
- De regelaar is gekleed in een in de regeling voorgeschreven hes of jas, met een fluorescerend gele bovenkant en een fluorescerend oranje onderkant, voorzien van reflecterende grijze strepen.
Verzekering en aansprakelijkheid
De Avond4daagse Oog in Al wordt georganiseerd door de stichting Avondvierdaagse Oog in Al. Deze is lid van de KWBN en is hiermee verzekerd voor aansprakelijkheid ten tijde van het evenement.